Posts tonen met het label schrijven. Alle posts tonen
Posts tonen met het label schrijven. Alle posts tonen

vrijdag 23 september 2011

Het geheim van de handen

Het is maandagmorgen 9 uur en ik dans op de Balkan Beats. Dansconditie. Een perfecte start van de week. Toch ben ik tijdens het dansen vaak afgeleid. Ik denk aan de verhalen die ik wil schrijven, de reizen die ik nog wil maken, de e-mails die ik nog moet schrijven. Ik zit dusdanig in mijn hoofd dat mijn voeten de weg kwijt raken. Ik zie mezelf in de spiegel naar links gaan als de rest van de groep naar rechts gaat. Mijn arm omhoog zwaaien als die opzij moet.

Dansen met de handen
Totdat Karin ons de opdracht geeft onze handen tijdens het dansen te blijven volgen. ‘In India ben je pas een goede danseres als je je handen in het vizier houdt,’ zegt ze.

Ik volg mijn vinger terwijl ik zover mogelijk om mijn as draai. Zie mijn handen terwijl ik door de zaal zwier.

En nu ben ik er helemaal. Geen verhalen, reizen, e-mails. Ik ben bij mijn hand die naar mijn heup gaat. Bij de vinger die naar buiten wijst.

Focus. Je kunt dansen, maar toch afwezig zijn. Maar als je op je handen moet letten, moet je hier zijn en nergens anders. Handen zijn altijd aanwezig.

Schrijven met de handen
Daarom werkt schrijven zo goed. Als je een pen in de hand pakt, focus je jezelf. Zonder pen kunnen je gedachten alle kanten uitwaaieren. Het is die hand, waarin de pen zit, die je in het moment houdt. Die twee handen op het toetsenbord die voorkomen dat je in gedachten verzinkt. Door je aandacht in de schrijvende hand te bundelen krijg je een onderwerp sneller en dieper te pakken.

Specifiek
In de les ‘Schrijven met je handen’ tijdens Schrijfconditie reeks gaat het er om dat je je tekst handen en voeten geeft. Dat je je verhaal concreet en tastbaar maakt. Dat je het niet over een boom, maar over een eik te hebt. Je bestelt in je tekst geen eten op een terrasje, maar een broodje kroket op het terras van de plaatselijke kroeg. Dat zijn handen. Concreet en specifiek.

Als je schrijft vanuit je handen, ben je aanwezig. Duidelijk en direct.

Echt
Ik let altijd op handen. Het is het eerste wat me aan iemand opvalt. Of hij lange pianovingers heeft of brede werkhanden. Handen laten zien wie iemand is. En door een tekst handen te geven, door specifiek te zijn, laat je zien wie je bent. Je verschuilt je niet achter vaagheden, achter algemeenheden.

Je schrijft niet langer: het was een eenzame dag. Je schrijft: Ik heb vandaag mijn telefoon tien keer op berichten gecheckt. Ik had een keer een bericht. Het was van een KPN bericht dat mijn beltegoed op was.

Handen zijn echt. Geef iemand een hand en je weet wat voor iemand er tegen over je staat. Iemand met zweterige kleffe slappe handen of iemand met een stevige handdruk.

Hart
‘Handen zijn rechtstreeks verbonden met het hart,’ zegt Karin. ‘Als je je handen volgt, kom je in de flow.’

Zie schrijven als een dans. Schrijf als een Indiase dansers die haar handen nooit uit het oog verliest. Schrijf met stevige hand. Voel hoe je hand overgaat in je arm, hoe je arm overgaat in de romp en hoe het bloed van en naar je hart stroomt.

Door tijdens het schrijven je aandacht naar je handen te brengen, ga je uit je hoofd en in je hart. Als je echt landt op papier, oog hebt voor details, concreet bent, dan gaan de woorden stromen.

woensdag 3 augustus 2011

De kunst van het herschrijven

Herschrijven.
Dat doe ik deze maand.
Hier op Terschelling.
Eindeloos. Schrappen. Draaien. Schrijven. Herschrijven.
Vind je dat niet saai? vroeg mijn vader vanmorgen nog.
Die vraag krijg ik vaker.
En veel cursisten noemen het.
Dat herschrijven de magie uit hun werk haalt.
Dat het niet creatief meer voelt. Laat staan spiritueel.

Ja, natuurlijk is het af en toe saai. En vermoeiend. En verzucht ik regelmatig dat ik waarschijnlijk nooit de juiste toon en invalshoek zal vinden om dit verhaal optimaal tot zijn recht te laten komen.
En ja zeker, de neiging is om er mee te stoppen. En om weer aan een ander verhaal te beginnen. Om weer die opwinding te voelen als nieuwe woorden door je pen stromen. Om weer met verbazing naar mijn eigen tekst te kijken en te denken: heb Ik dit geschreven.

Vaak voelt het alsof die verhalen niet van mij zijn. Alsof ik slechts een doorgeefluik ben.

Renate Dorrestein vergelijkt verhalen in haar boek 'Het geheim van de schrijver'met ongeboren kinderzielen. Die rondzweven in het universum en een schrijver zoeken die hun essentie kunnen doorgeven.

De eerste ontmoeting met zo'n verhaal kan overweldigend voelen.
Alsof er opeens van hoger hand een idee door je pen wordt gestuurd.

Een moment om te eren. Maar niet om vast te houden. Want daarna gaat het aardse leven gewoon verder. Want het verhaal staat zelden (eigenlijk nooit) direct goed op papier. Het vraagt heel wat herschrijfwerk voordat je als schrijver ziet waar het verhaal/gedicht/essay echt overgaat. Herschrijven is ploeteren en heeft met magie weinig meer van doen.

Tenminste dat denken we. Maar ik kom er steeds meer achter dat dit noeste herschrijven eigenlijk spiritueler en creatiever is dan die eerste ingeving.
Tijdens dit gestaag doorschrijven, ook als je het eigenlijk niet meer wil of weet, verbind je jezelf op een hele aardende manier met de bron. Je zet jezelf in dienst van iets groters. Je danst niet even kort op die hemelse muziek. Nee je spint garen, die aarde en hemel verbinden.

Wat heeft een verhaal aan een schrijver die wegloopt op het moment dat het saai wordt. Als het te aards, te denkerig, te werkerig wordt.

Elizabeth Gilbert verwoordt het krachtig in haar tedtalk over creativiteit. Daarin heeft ze het over de genius. Een wezen, een kracht die voor de inspiratie zorgt. Elizabeth noemt dit haar ´Dobby de huiself'(uit Harry Potter)die haar af en toe wat magische inspiratie toewenkt.
´Mijn taak is het om elke dag op mijn werk te verschijnen,´ zegt ze. ´Maakt niet uit wat ik schrijf, als ik maar schrijf. Of het goed wordt, dat bepaal ik niet, dat bepaalt mijn genius.´

Dus hier zit ik, op Terschelling. Mijn werk te doen. Herschrijven.
Af en toe komt Dobby langs en sprankelt een nieuw idee in mijn woorden.
Af en toe heb ik sterk het gevoel dat ik achter het verhaal aan schrijf.
Dat het verhaal al bestaat en dat ik het alleen maar op papier hoef te zetten.

Maar meestal ploeter ik me door die woorden heen. Probeer dit eens. Dan weer dat. Haal hier wat weg, zet daar wat bij.
En toch voelt het essentieel.
Kan ik niet meer weglopen.
Voel ik de roeping, de verantwoordelijkheid, om dit verhaal om te zetten in mensentaal. Om deze ongeboren kinderziel een geboorte te gunnen in een leesbaar boek.

Dat is wat het voor mij betekent om schrijver te zijn.

dinsdag 9 februari 2010

Schrijven langs de kust

Ik liep net door de duinen. Ik wist dat ergens ten westen van mij de zee was. Maar ik zag haar niet. Ik verdwaalde door de bossen en duinen. Ik rook haar wel en hoorde haar af en toe. Maar ik kwam er maar niet aan.

Zo schrijf ik de laatste tijd ook. Verdwalend. Struinend door de duinen aan de kust van wat ik eigenlijk zeggen wil. Ik hoor iets fluisteren, ik kan het bijna ruiken. Maar ik vind de juiste woorden nog niet. Toch weet ik dat dat wat ik eigenlijk schrijven wil, net ten westen van me ligt.

Ik moet eerst de omgeving verkennen. Net zoals in Granada. Ik was al vier dagen in de stad voordat ik het toonaangevende fort Al Hambra inging. Ik had haar van alle kanten gezien. Vanaf het terras aan de rivier keek ik op tegen het zomerpaleis. Van het klooster op Monte Christo keek ik tegen de donkere kantelen aan. Vanaf de olijfvelden zag ik haar silhouet tegen de sneeuwbergen.

Maar pas op de maandag zag ik de uitbundige versiering aan de binnenkant, de fonteinen en de tuinen. Toch voelde het gebouw als een bekende, omdat ik zo lang rondom haar had gezworven. Haar geheimen waren nu aan mij besteed. Vielen op hun plaats. Omdat ik heel langzaam dichterbij was gekomen.

Zo schrijf ik mezelf ook heel langzaam naar de zee. Want na mijn wandeling van vandaag, geloof ik dat mijn verhalen eigenlijk over de zee gaan. Maar zeker weten doe ik het niet. Ik moet eerst nog een paar keer verdwalen.

vrijdag 26 juni 2009

Dennenappels

Ik schrijf om te onthouden dat ik piepklein ben.

Een piepklein schrijvend mensje.

Als ik schrijf, verbind ik mezelf.

Met mezelf, met anderen, maar voornamelijk met de Grootsheid van het leven.

Ik zou deze week de hele week gaan schrijven, maar het lukte niet. Daar zat ik dan in mijn kersverse roze geschilderde atelier. Zonder woorden.

Pas toen ik door mijn oplaaiende onrust mijn laptop dichtklapte en met een rugzakje de heide opliep, wist ik weer wat schrijven was.

Ik zat tegen een krom gewaaide den in de zon. Schapen graasden om me heen, los hangende dennenappels vielen naast mijn voeten, op mijn papier.

Plof, dit is waar het om gaat.

Om met je pen en papier in de wereld te zitten. En me te verbinden met de wind en op te schrijven wat ze te vertellen heeft.

Klein meisje in een grote wereld. Kom maar woorden, kom maar. Waai door mijn haren.

En ik verbind me niet alleen met de wind en met die boom. Maar ook met mijn lezers. Ik zoek de juiste woorden, toon, invalshoek zodat de dennenappels ook ergens anders kunnen landen.

Plof, op een blog.